U bevindt zich op: Home nl Toelichtingen planten Plant iam gg-mo

Al dan niet gg-planten in associatie met een micro-organisme van niveau I of II

Al dan niet gg-planten in associatie met een micro-organisme van ML-I of ML-II niveau moeten op PCM-I / PKM-I of PCM-II /PKM-II gehanteerd worden:

  • Handelingen met disarmed Rhizobium radiobacter mogen in PCM-I / PKM-I uitgevoerd worden.
  • Handelingen met disarmed R. radiobacter waarin in het T-DNA een sequentie coderend voor een infectieus plantenvirus geïnsereerd is, moeten op PCM-II /PKM-II uitgevoerd worden. Het micro-organisme mag in afwezigheid van plantencellen wel op ML-I inperkingsniveau gehanteerd worden, maar in associatie met plantencellen kan het T-DNA overgedragen worden en kan het virus tot expressie komen en repliceren.
  • Handelingen met een micro-organisme van ML-II niveau, hieronder vallen dus ook handelingen met wildtype R. radiobacter, moeten op PCM-II / PKM-II gehanteerd worden. Tenzij er aërogene verspreiding van het mico-organisme kan optreden, dan dienen de handelingen plaats te vinden in PCM-III/PKM-III.

 

Zoeken:

Service